Er zijn in totaal zeven sacramenten. Deze worden hier besproken.

Je komt naar de kerk op zondag en de eerste kerkzang die je hoort is Khorhurd Khorin. Wat betekent khorhurd eigenlijk? Waarom is khorhurd het eerste woord in de kerkzang van de Heilige Liturgie?

Iedereen heeft er wel eens van gehoord, de 7 sacramenten (khorhurd, խորհուրդ) van de kerk. Het zijn er 7, omdat 7 het getal is van de superioriteit. Deze zijn:

1. Dopen (Mgrdoetyoen, Մկրտություն)
2. Vormsel (Troshm, Դրոշմ)
3. Heilige Communie (Haghortoetyoen, Հաղորդություն)
4. Biechten (Abashkharoetyoen, Ապաշխարություն)
5. Ziekenzalving (Gark hivantats, կարգ հիվանդաց)
6. Priesterwijding (Tsernatroetyoen, Ձեռնադրություն)
7. Huwelijk (Bsag, Պսակ)

De 7 sacramenten zijn de onderliggende gedachten van de Heilige Liturgie die elke zondag wordt gehouden, daarom begint de kerkzang van de dienst met deze woorden.

Het woord khorhurd betekent mysterie, iets dat wij niet kunnen zien en niet kunnen begrijpen, dat voor ons wordt gepresenteerd en dit met ons geloof accepteren. Wat betekent dit? Voorbeeld: Tijdens de Heilige Liturgie krijgen wij het lichaam en bloed van onze Heer Jezus Christus. Als wij ernaar kijken zien wij brood en wijn die wij thuis ook hebben. Wij accepteren met ons geloof dat dat het lichaam en bloed van Jezus Christus is. 

Dopen (Mgrdoetyoen, Մկրտություն), het eerste sacrament (khorhurd, խորհուրդ) van de Orthodoxe kerk. Waarom is het zo belangrijk en waar komt dit vandaan?

Dopen is het opnieuw geboren worden van de geest. Zodra iemand boven water komt of het water over diegene wordt gegoten, wordt deze persoon vrij gesproken van zijn zonden en de erfzonde. De Heilige Geest komt in hem of haar om Zijn werk te doen, net als de Heilige Geest over Jezus Christus heen kwam in Mattheüs 3:16.

Degene die wordt gedoopt betreedt de kerk als het geadopteerde kind van de Vader en de vertegenwoordiger van Jezus Christus. 

Iemand die niet gedoopt is, kan de andere sacramenten niet ontvangen doordat er in de Bijbel (Johannes 3:5) staat: ‘Jezus antwoordde: ‘Waarachtig, Ik verzeker u: niemand kan het koninkrijk van God binnengaan, tenzij hij geboren wordt uit water en geest.’’ De andere sacramenten zijn er om het christelijk leven door te zetten. Een voorwaarde om een christen te zijn is gedoopt worden.  

Bij de doopceremonie is er altijd een peetvader en peetmoeder aanwezig. Na de doopceremonie is het de taak van de peetvader om de gedoopte persoon te begeleiden in het geloof en aan te sturen als dit niet goed gaat. Het einde van de doop-ceremonie is dus eigenlijk het begin van de taak van de doopvader en van de persoon die gedoopt is. Zijn nieuwe leven begint met Jezus Christus.

Na het dopen wordt de gedoopte persoon ingesmeerd met een olie op bepaalde plekken van het lichaam. Wat voor olie is dit? Wat voor betekenis heeft dit?

Het insmeren van de gedoopte persoon wordt vormsel (troshm, դրոշմ) genoemd. De gedoopte persoon wordt dan ingesmeerd op bepaalde delen van het lichaam met de heilige olie, het heilige Meron (Մեռոն). 

Met het heilige Meron wordt de genade van de Heilige Geest geschonken aan de persoon, het maakt onze geest sterker. Op 9 onderdelen van het lichaam wordt een stempel gezet, namelijk: het voorhoofd, de ogen, de oren, de neusgaten, de lippen, de handen, de borst, de rug en de voeten. 

Door deze stempel horen wij bij God. ‘Hij heeft Zijn stempel op ons gezet door ons Zijn Heilige Geest in het hart te geven. Daardoor zijn wij verzekerd dat wij bij Hem horen.’ (2 Korinthiërs 1:22).

Het heilige Meron wordt elke zeven jaar gemaakt van olijfolie en verschillende bloemen. Tijdens het maken van de Heilige olie wordt er continu op gebeden. Na het zegenen van de olie wordt de olie verdeeld over alle Armeens Apostolische kerken over de wereld. 

Het Heilige Meron wordt bewaard in een duifvormige kan. Dit is in een duifvorm, omdat er in het evangelie van Marcus staat: ‘Direct toen Hij (Jezus) uit het water kwam, zag Jezus dat de hemel openscheurde en de Heilige Geest als een duif op Hem neerdaalde.’ (Marcus 1:10). 

Het derde sacrament van de Armeense Orthodoxe kerk is de Heilige Communie. Wat houdt dit eigenlijk in? Waar moet je aan voldoen om dit in te mogen nemen? 

De Heilige Communie is het meest heilige in de wereld. Het is het Lichaam en het Bloed van onze Heer Jezus Christus. De Heilige Communie is voor de vergeving van onze zonden en om eeuwig te leven met onze Heer Jezus Christus. Je mag elke dag Communie nemen. Mensen voelen zich niet waardig om Communie te nemen. Wij zijn het nooit waardig door de zondes die wij begaan, daarom nemen wij het. ‘Gezonde mensen hebben geen dokter nodig, maar zieke en zwakke mensen wel. Ik (Jezus) ben gekomen om zondaars uit te nodigen, niet degenen die Gods wil al doen.’ (Marcus 2:17)

Een persoon die de Heilige Communie wil innemen moet, naast gedoopt te zijn, de volgende punten gedaan hebben.

1. Weten en geloven dat de Heilige Communie het Lichaam en het Bloed van Jezus Christus is.

2. Zich de hele week voorbereiden om het in te nemen.

Je moet je bewust zijn van je fouten tegenover God en daarvoor Zijn vergeving vragen en Zijn hulp zodat het niet weer gebeurt.

3. Geen ruzie hebben en iedereen hebben vergeven.

Als je zelf alles hebt gedaan om de ruzie recht te zetten, dan mag je het wel innemen.

4. Ervoor niet eten.

Als je gezond bent en geen medicijnen inneemt, dan moet je het op een lege maag innemen.

5. Vergeving vragen voor jouw zonden.

De priester zegt voor het geven van de Communie: ‘Dit is het Lichaam en Bloed van Jezus Christus. Dit wordt gegeven voor de vergeving van de zonden’. Voor het nemen van de Communie zeg je ‘Megha Asdoedzo’, wat betekent: ‘Ik heb gezondigd tegenover God.

Het vierde sacrament is het biechten. Wat houdt dit precies in? Waarom doen wij dit? Wat zijn de voorwaarden voor een volle  vergeving van de zonden en om de band met God te herstellen?

Biechten is vergeving vragen van de zonden. Zo wordt ook de relatie met God hersteld. Deze wordt namelijk verbroken door de zonden, net als in Jesaja 59:2 staat: ‘Jullie waangedrag is het dat jullie en je God uit elkaar heeft gedreven; door jullie zonden houdt Hij zich ver borgen en wil Hij je niet meer horen.’

Er zijn drie voorwaarden om het biechten effectief te maken en de relatie met God te herstellen:

  1. Je moet spijt hebben van de zonden die je hebt begaan. Deze spijt moet uit de grond van je hart komen. Zonder het spijt hebben van je zonden is het alleen maar een ritueel dat je moet doen  van een ander. 

  2. Je moet je zonden open en volledig erkennen.  Het is een zware zonde wanneer je bewust je zonden verbergt van God en weigert  om deze te bekennen. 

  3. Het kwijtschelden van je zonden door iemand die deze bevoegdheid heeft gekregen. Deze bevoegdheid komt       vanuit onze Heer Jezus Christus die dit aan de apostelen gaf. En de apostelen  aan de priesters.

‘Als we zeggen dat we de zonde niet kennen, misleiden we onszelf en is de waarheid niet in ons. Belijden we onze zonden, dan zal Hij, die trouw en rechtvaardig is, ons onze zonden vergeven en  ons  reinigen van alle kwaad.’ (1 Johannes 1:8-9).

Laat iemand die ziek is de oudsten van de gemeente bij zich roepen; laten ze voor hem bidden en hem met olie zalven in de naam van de Heer’ (Jakobus 5:14). 

Met dit citaat uit de Bijbel is het tijd om te praten over het vijfde  sacrament (khorhurd, խորհուրդ), namelijk de ziekenzalving (gark hivantats, կարգ հիվանդաց). Wat houdt dit sacrament in? 

Dit sacrament werd gebruikt voor zieke mensen die hun vertrouwen op Gods genade neerlegden en geloofden dat de Heilige Olie hen snel zou herstellen en in het geval van een ernstige ziekte, waar de dood onvermijdelijk is, hen een pijnloze dood zou geven. Het is de priester die bidt en het is God die geneest. Het is niet het werk van een persoon of olie, maar het werk van God. 

Dit is een andere zalving dan de laatste zalving, dat vlak voor de dood wordt gedaan. Dit was een zalving om beter te worden en kon meerdere malen worden gedaan. 

Tussen de vierde en vijftiende eeuw werd dit sacrament nog gedaan. Na de vijftiende eeuw werd dit niet meer gedaan. Het wordt tegenwoordig wel gezien als sacrament, maar wordt niet meer uitgevoerd.

Het zevende en laatste sacrament is het huwelijk (bsag, պսակ). Er worden bepaalde rituelen uitgevoerd. Wat voor betekenis hebben deze handelingen?

In het begin van de ceremonie zegent de priester de ringen van de man en de vrouw, dit als teken van de spirituele verbondenheid van de twee. Er wordt dan drie keer gevraagd aan de bruid en de bruidegom of zij voor altijd bij elkaar willen blijven. En er wordt door de priester geïnstrueerd om trouw te zijn tegenover elkaar.

Dan worden er twee stukken uit de Bijbel gelezen waarin de leer van onze Heer Jezus Christus over het huwelijk wordt behandeld.  (Efeziërs 5:22-33 & Mattheus 19:3-12). 

Hierna worden er twee kronen op de hoofden van de bruid en de bruidegom geplaatst. Dit staat symbool voor het koninkrijkje van het  echtpaar, namelijk hun eigen familie. 

Daarna pakt de priester een glas wijn en zegent deze. Dit glas met wijn geeft hij volgens aan de bruid, bruidegom en de peetvader. De wijn symboliseert het eerste wonder van Jezus Christus, die tijdens een bruiloft water in wijn veranderde, omdat de wijn op was (Johannes 2:1-12).

Daarna wordt door de priester verteld dat God Zijn liefde toonde voor de mensheid via de koppels; Abraham en Sara, Isaak en Rebecca, Jakob en Rachelle, Jozef en Asnat, Zacharias en Elisabeth. Na deze namen worden ook de namen van de bruid en bruidegom genoemd. Hier bidt de priester dat zij dezelfde zegen krijgen als deze  Bijbelse personen. 

Het volgende sacrament is de priesterwijding. Dit is een sacrament waarbij de Heilige Geest de gekozen persoon het recht geeft om   sacramenten te verrichten en om de kudde van Christus te voeden. Door de priesterwijding ontvangt men de kracht en genade om de Heilige handelingen te verrichten. 

In de Armeens apostolische kerk heb je verschillende rangen van geestelijken, er bestaan dus verschillende vormen van de priesterwijding. Echter, er is één daad die door alle ranken wordt  verricht, namelijk het opleggen van de handen, dat wordt gedaan door de bisschop. Het opleggen van de handen (Tzernatroetyoen)  komt van Christus zelf. Hij legde zijn handen op de apostelen. Lucas 24:50 : ‘50 Hij nam hen mee de stad uit, tot bij Betanië. Daar hief Hij zijn handen op en zegende hen.’ 

Voor de priesterwijding van elk geestelijke, behalve die van een   bisschop, is één bisschop voldoende om het sacrament uit te voeren. De wijding van een bisschop zelf wordt uitgevoerd door Zijne Heiligheid de Catholicos met minstens twee andere bisschoppen die hem assisteren tijdens de inwijding. 

Het ´cadeau´ van de genade die aan de geestelijke wordt toegekend bij de wijding is de geestelijke autoriteit om al zijn plichten waardig en op een aangename manier te vervullen. En om een deugdzaam leven te leiden in overeenstemming met zijn roeping. Dit is een stuk uit de brief die Paulus aan zijn apostel Timoteüs schreef. 2 Timoteüs 1:6 :  ‘6 Daarom spoor ik je aan het vuur brandend te houden van de gave die God je schonk toen ik je de handen oplegde.